Oravský hrad staat op een rots boven de rivier de Orava en is gebouwd in lagen die de rots volgen, van de benedenburcht tot de citadel bovenaan. In 1922 filmde F.W. Murnau hier de buitenscènes van Nosferatu, omdat hij in Duitsland geen geschikt kasteel kon vinden. Het bezoek gaat uitsluitend met een gids en betekent honderden treden.
Een burcht die de rots volgt
Wat Oravský hrad zo herkenbaar maakt, is de vorm. De burcht is niet op een heuvel gebouwd maar tegen en op een steile rots, in terrassen die met de rotsformatie meelopen. Van beneden naar boven overwint het complex ongeveer 112 meter.
Daardoor bestaat de burcht uit drie delen die eeuwen uit elkaar liggen: de benedenburcht, de middenburcht en de citadel op de top. De oudste kern gaat terug tot de dertiende eeuw, kort na de Mongoolse inval, toen het koninkrijk Hongarije zijn grensverdediging in steen liet uitvoeren.
De rivier de Orava stroomt er direct langs. Wie vanaf de weg aan de overkant kijkt, ziet burcht en rots als één silhouet, wat in 1922 precies de reden was dat een Duitse filmploeg hierheen kwam.
Nosferatu, 1922
F.W. Murnau zocht voor Nosferatu, eine Symphonie des Grauens een kasteel dat kon doorgaan voor het Transsylvanische slot van graaf Orlok. In Duitsland vond hij niets dat overtuigde, en hij stuurde zijn ploeg naar het toenmalige Tsjecho-Slowakije.
De buitenopnamen van het slot zijn hier gemaakt. Ook elders in Noord-Slowakije is gefilmd: in de Hoge Tatra, in het Vrátna-dal, langs de Váh en bij de ruïne Starhrad. De film is een niet-geautoriseerde bewerking van Dracula, waarover Bram Stokers weduwe met succes procedeerde; er is bevel gegeven alle kopieën te vernietigen, wat niet volledig is gelukt.
De burcht speelt daar handig op in. Er worden avondrondleidingen en themawandelingen gehouden die aan de film refereren. Wie daar niets mee heeft, merkt er overdag weinig van.
Het is een van de weinige plekken in Slowakije met een internationale culturele voetafdruk, en dat wordt ter plaatse aanmerkelijk minder uitgemolken dan u zou verwachten.
Hoe het bezoek verloopt
U kunt hier niet vrij rondlopen. Het bezoek gaat met een gids, in groepen, langs een vaste route door de zalen en over de terrassen. De basisrondleiding duurt ongeveer een uur, de uitgebreide versie langer.
De rondleidingen zijn in het Slowaaks. Bij voldoende buitenlandse bezoekers is er een Engelstalige gids of een geschreven vertaling; vraag dat bij de kassa, want spontaan wordt het niet aangeboden.
Het aantal treden is de grootste verrassing. Van de ingang tot de citadel gaat het over honderden treden omhoog, deels smal en steil. Voor wie slecht ter been is, is de bovenste burcht niet haalbaar; de lagere delen wel.
Binnen zijn zalen ingericht met meubilair, wapens en een natuurhistorische afdeling van het Orava-museum. Dat laatste is een erfenis van de negentiende eeuw en past er inmiddels vreemd bij, maar de opgezette dieren en mineralen zijn er nog.
De streek Orava
De burcht ligt in Orava, een streek in het noorden tegen de Poolse grens. Het is het gebied van houten dorpen, weiden en een klimaat dat merkbaar ruwer is dan in het zuiden van het land.
Op een half uur rijden ligt het openluchtmuseum van Zuberec, waar houten gebouwen uit de hele streek bij elkaar zijn gezet, waaronder een complete kerk. Dat is een van de betere openluchtmusea van het land.
In Tvrdošín staat een van de acht houten kerken op de werelderfgoedlijst, een rooms-katholieke uit de vijftiende eeuw. Die ligt op ongeveer twintig minuten van de burcht en is met een bezoek aan Oravský hrad goed te combineren.
Het Orava-stuwmeer, in het noorden van de streek, is in de zomer een badplaats. Onder het water ligt het dorp Slanica, dat in 1953 voor de aanleg werd ontruimd; het kerkje op wat nu een eiland is, steekt er nog bovenuit.
Seizoen en praktische zaken
De burcht is het grootste deel van het jaar open, met beperktere tijden in de winter. Anders dan bij veel Slowaakse ruïnes is een deel overdekt, waardoor een bezoek ook bij regen werkt.
Parkeren gebeurt in het dorp Oravský Podzámok aan de voet. Vanaf de parkeerplaats is het een paar minuten lopen naar de kassa, en daarna begint het klimmen.
De entree ligt in de orde van 10 tot 14 euro voor de gewone rondleiding. Fotograferen binnen is soms alleen met een aparte kaart toegestaan, wat bij Slowaakse musea vaker voorkomt.
Vanaf Žilina rijdt u in ongeveer een uur, vanaf Liptovský Mikuláš in drie kwartier. Dat maakt de burcht goed te combineren met een verblijf in de Lage Tatra.
Wat er van de burcht te zien is zonder kaartje
Het aanzicht is het beste deel, en dat kost niets. Vanaf de weg aan de overzijde van de Orava staat de burcht in zijn volle hoogte op de rots, met de rivier ervoor.
De beste plek is de brug in het dorp Oravský Podzámok, of het stukje weg net ten noorden daarvan. In de vroege ochtend hangt er vaak mist boven het water, wat het beeld oplevert dat filmmakers hier kwamen halen.
Er is een wandelpad rond de rots waarvandaan u de gelaagde bouw kunt volgen: benedenburcht, middenburcht, citadel. Dat maakt duidelijker hoe het complex in elkaar zit dan de rondleiding binnen, waar u vooral zalen ziet.
In de zomer worden er 's avonds voorstellingen op het voorplein gehouden. Die zijn in het Slowaaks, maar het decor spreekt voor zich.



