Slowakije heeft meer dan zestig houten kerken, waarvan acht sinds 2008 op de werelderfgoedlijst staan: twee rooms-katholieke, drie protestantse en drie Grieks-katholieke, plus een losse klokkentoren. Ze zijn gebouwd tussen de zestiende en achttiende eeuw, zonder spijkers, met houtverbindingen en houten pennen. De oudste, in Hervartov, dateert uit de vijftiende eeuw.
Drie geloofstradities, één bouwtechniek
De acht kerken op de lijst vertegenwoordigen drie verschillende kerkgenootschappen, en dat is precies waarom ze samen zijn ingeschreven. De rooms-katholieke kerken staan in Hervartov en Tvrdošín. De protestantse, de zogenoemde articulaire kerken, staan in Hronsek, Leštiny en Kežmarok. De Grieks-katholieke staan in Bodružal, Ruská Bystrá en Ladomirová. In Hronsek hoort een losse klokkentoren bij de inschrijving.
Wat ze delen is de bouwwijze. Alle acht zijn opgetrokken uit gestapelde balken, verbonden met inkepingen en vastgezet met houten pennen. IJzeren spijkers zijn er niet in verwerkt.
Wat ze onderscheidt is de vorm. De katholieke kerken volgen het gotische grondplan in hout. De Grieks-katholieke hebben drie ruimten achter elkaar met drie torens die in hoogte oplopen, naar byzantijns voorbeeld, en binnen een iconostase. De protestantse zijn het gevolg van een wet, en dat verhaal is het merkwaardigste van de drie.
Waarom de protestantse kerken geen toren mochten hebben
Na de Ottomaanse en Habsburgse conflicten van de zeventiende eeuw kregen protestanten in het koninkrijk Hongarije op de rijksdag van Sopron in 1681 beperkte godsdienstvrijheid. In de artikelen van die wet stonden voorwaarden, en daar dankt dit kerktype zijn naam aan: articulaire kerken.
De voorwaarden waren streng. De kerk moest van hout zijn, zonder ijzeren spijkers. Ze mocht geen toren hebben en geen klokken. De ingang mocht niet naar de openbare weg wijzen. En het gebouw moest binnen een jaar klaar zijn.
De bouwers hebben die beperkingen omgezet in vindingrijkheid. De kerk van Hronsek heeft een grondplan in kruisvorm, past ruim 1.100 mensen en heeft de klokkentoren als los gebouw ernaast gezet, wat de letter van de wet respecteert. Kežmarok heeft een interieur dat volledig beschilderd is, met een houten koepel die op geen enkele manier bescheiden oogt.
Dat maakt deze kerken tot gebouwde geschiedenis: elke beperking in de wet is aan het gebouw af te lezen.
Hervartov, de oudste
De kerk van Franciscus van Assisi in Hervartov, ten zuidwesten van Bardejov, dateert uit de vijftiende eeuw en is de oudste houten kerk van Slowakije. Ze is tevens een van de best bewaarde.
Het gebouw is klein, donker en steil, met een schindeldak dat tot laag over de wanden doorloopt. Dat is te zien op de foto boven dit artikel. Binnen zijn zestiende-eeuwse muurschilderingen bewaard, waaronder een voorstelling van Adam en Eva.
De kerk ligt in een dorp zonder toeristische voorzieningen. Er is een sleutelbewaarder, en buiten de vaste openstelling belt u die. Dat klinkt omslachtig maar hoort bij het bezoek: deze gebouwen zijn geen musea maar kerken van een gemeente.
De Grieks-katholieke kerken in het noordoosten
Bodružal, Ladomirová en Ruská Bystrá liggen in de noordoostelijke uithoek van Slowakije, in de streek waar Roethenen wonen. De kerken zijn achttiende-eeuws en volgen het byzantijnse plan: narthex, schip en altaarruimte achter elkaar, met drie torens die naar het oosten toe in hoogte afnemen.
Binnen hangt een iconostase, een wand van iconen die het altaar van het schip scheidt. Die wanden zijn beschilderd in een volkse variant van de byzantijnse traditie, met kleuren die feller zijn dan de sobere buitenkant doet vermoeden.
De dorpen liggen ver uit elkaar en de wegen zijn smal. Reken op een volle dag voor drie kerken, en op een auto: openbaar vervoer brengt u hier niet.
De streek is in de Tweede Wereldoorlog zwaar getroffen bij de gevechten om de Duklapas in 1944. Dat een aantal van deze kerken die maanden heeft doorstaan, is bepaald niet vanzelfsprekend.
Bezoeken zonder teleurstelling
Het bezoeken van de houten kerken vraagt meer voorbereiding dan andere Slowaakse monumenten. De meeste zijn niet dagelijks open, hebben wisselende tijden en werken met een sleutelbewaarder in het dorp.
De praktische aanpak: bel of mail vooraf via het toeristenbureau van de streek, en plan niet meer dan twee of drie kerken op een dag. Bij een aantal is fotograferen binnen niet toegestaan.
Een middenweg voor wie weinig tijd heeft: in het openluchtmuseum van Bardejovské Kúpele en dat van Zuberec staan verplaatste houten kerken die vrij te bezoeken zijn. Dat is niet hetzelfde als een kerk in zijn eigen dorp, maar het geeft wel een beeld van de bouwwijze.
Een laatste opmerking die telt: deze gebouwen staan er nog omdat er tot op vandaag in wordt gekerkt. In Bodružal en Ladomirová zijn de kerken in gebruik. Een bezoek op zondagochtend is dus geen slim idee, tenzij u komt voor de dienst.
Bouwen zonder spijkers, en wat dat betekent
Dat de kerken zonder ijzeren spijkers zijn gebouwd, is bij de protestantse kerken een voorschrift geweest, maar bij de andere een kwestie van vakmanschap en materiaal.
De balken worden op de hoeken ingekeept en in elkaar gelegd, waarna houten pennen het geheel op zijn plaats houden. Dat werkt beter dan het klinkt: hout zet uit en krimpt met de vochtigheid, en een verbinding met ijzer scheurt daardoor op termijn. Een houtverbinding beweegt mee.
De daken zijn gedekt met schindels, dunne gespleten latten van lariks of spar, in lagen over elkaar. Die moeten periodiek worden vervangen, en dat is de belangrijkste onderhoudspost van deze gebouwen.
De kerken staan doorgaans op een lichte verhoging, met een omheining van hout of steen eromheen en een kerkhof binnen die omheining. Die opzet is even vast als de bouwwijze zelf.



